16 april 2009
Het miezert een beetje als Jaap Spijkers (1958) aan komt lopen. We hebben afgesproken bij het cafeetje naast de toneelschool.
Hij lijkt verregend. Als ik hem vraag hoe hij zo nat komt, vertelt hij dat hij die ochtend hondenuitlaatdienst had. We lopen het café binnen. Ondertussen stel ik me Jaap voor met tien honden en een vrijwilligersjack van de hondenuitlaatservice. Heel nobel dat hij dat ook nog doet, naast zijn drukke bestaan. Toch kan ik het me niet voorstellen. “Hondenuitlaatdienst?”, vraag ik. Lachend legt hij me uit dat het maar om twee honden gaat. Namelijk zijn eigen hond en die van vriendin en overbuurvrouw Maria Goos. Ze wisselen het uitlaten af en vanmorgen was het zijn beurt!
TAARTMAN
In ‘Taartman speel je de hoofdrol van Ben. Hij heeft enorme geldproblemen en wordt drugskoerier om zijn schulden af te lossen. Kun je je voorstellen dat je dat zelf zou doen?
“Nee, dat zou ik denk ik nooit doen. En dan gaat het me er niet eens om dat ik iets doe wat niet mag, maar om wat er met dat spul gebeurt. Ik heb zelf een zoon van 17 jaar. Uiteindelijk komt het toch bij zijn generatie terecht. Er staan gewoon gasten bij middelbare scholen die shit te verkopen. Daar zou ik geen deel van uit willen maken. Het is een handel waar je gewoon niet in terecht moet willen komen. Het leuke aan Taartman is dat de film lichtvoetig is. Het draait helemaal niet om die heftige kant van het verhaal.”
Hoe was de samenwerking met Marcel Musters?
“Heerlijk! Wij komen allebei uit dezelfde geboortestad en vallen onmiddellijk terug in het Brabants als we niet oppassen. Het is een ontzettend goede acteur en leuke collega. Toch heb ik nog nooit met hem samengewerkt. We zijn van dezelfde generatie, maar beiden een andere kant opgegaan. We hebben wel eens tegen elkaar gezegd dat we iets samen moeten doen, maar dat komt er steeds niet van.”
DE PUNT
In ‘De Punt’ speel je de rol van Den Uyl. Hoe waren de opnames?
“Ontzettend leuk! Ik vond Hanro Smitsman (regisseur, red.) echt een ontzettend leuke gast. Hij weet precies hoe het hij het wil hebben. Je werkt in principe vanuit een script dat je hebt gelezen en voorbereid. Maar bij hem was wel eens alles omgegooid als ik op de set aan kwam.”
Was je het destijds eens met de manier waarop er een einde gemaakt werd aan de kaping?
“Nee. Ik was het er helemaal niet mee eens. Maar ik kwam uit een beetje links hoekje geloof ik. Voor mij was het ondenkbaar dat het Nederlandse leger ingezet werd tegen eigen burgers. Aan het einde van de film zie je een shot waarin er straaljagers over de trein vliegen. Ik woonde destijds in Tilburg, waar die straaljagers oefenden om zo laag over die trein te vliegen. Vervolgens zijn ze naar Drenthe gegaan en hebben het uitgevoerd, heel vroeg ’s ochtends. Ze lieten straaljagers over de trein vliegen. Van de schok die dit veroorzaakte bij de passagiers hebben ze gebruik willen maken, in de hoop dat iedereen op de grond zou gaan liggen. De meeste passagiers hebben dit ook daadwerkelijk gedaan. Toch is er een aantal passagiers bij omgekomen. Ze hebben namelijk echt met grof geschut die trein doorzeefd. Maar dat is nooit uitgezonden op televisie.”
REGISSEREN
Wat doe je precies hier op de toneelschool?
“Ik geef les aan de regieopleiding. Wat ik met de studenten doe is tekstbehandeling. Ik behandel ze alsof het acteurs zijn. We gaan aan de slag met door hun zelf uitgekozen teksten, alsof ze het zelf zouden moeten spelen. Zodat ze weten hoe het is, voordat ze gaan regisseren. Ik regisseer zelf ook. ‘Familie Avenier’ bijvoorbeeld, bij ‘Het Toneel Speelt’ in Amsterdam. En bij het Nationaal Toneel in Den Haag ga ik de komende jaren ook ieder jaar een stuk regisseren.”
Wat vind je leuker; regisseren of acteren?
“Ik regisseer nu vijf jaar en acteer al meer dan dertig jaar. Regisseren vind ik nu gewoon leuker, omdat ik er ontzettend veel energie van krijg. En als je dertig jaar voor anderen hebt gewerkt, is het ook wel lekker om zelf eens een keer iets te zeggen te hebben. Daarnaast vind ik het ritme prettiger. Ik word ook een dagje ouder. Acteren kost ontzettend veel energie en is fysiek ook zwaar. Het is niet erg hoor, ik vind het heel leuk. Maar als je vraagt wat ik liever doe, regisseer ik nu liever. Het ontwikkelen van plannen is ook leuk. Je noemde daarnet Marcel Musters bijvoorbeeld en sinds je die vraag gesteld hebt zit ik ermee in mijn hoofd om hem eens te vragen als acteur.”
ACTEREN
Wat doe je op dit moment bij het Nationaal Toneel in Den Haag?
“Ik speel in ‘Lange dagreis naar de nacht’. Het is een heftig stuk, over een gezin dat helemaal klem zit. Moeder is verslaafd aan de morfine. Zoon is aan de drank. De jongste zoon heeft waarschijnlijk tbc. Veel alcohol, veel ruzie. Ik speel de vader in het stuk. Het is heftig, maar echt heel mooi hoor.”
Film of theater?
“Dat vind ik heel lastig kiezen. Het theater is de bron. In het theater laad je je zeg maar op. Film trek je leeg. Niet als je een grotere rol hebt, zoals ik heb in Taartman bijvoorbeeld. Dan krijg je er ook heel veel voor terug. Dan zit je dieper in het script en kun je meer kanten van jezelf laten zien. Maar zoals mijn rol in De Punt, waarin ik Den Uyl speelde. Dat is echt invliegen, je hoofd kaal scheren, er iets opplakken, goed geschminkt worden en je ding doen. Dan doe je gewoon heel goed je werk. Theater is de bron, maar met film is het fijn dat het opgenomen wordt en zichzelf herhaalt. Ik vind het heerlijk om op de set rond te lopen, maar kan me niet voorstellen dat ik alleen film zou doen.”